Wonderways
Onze laatste volledige dag in Kanazawa alweer. In de voormiddag stond er een workshop 'japanse lunchbox' maken op het programma. Dit kwam perfect uit gezien het miezerweer die dag.
In 2 groepjes van 6 personen werd er gelachen, af en toe groentjes gesneden of in de pan een japanse omelet klaar gemaakt. Zoete aardappel met miso mayonaise, komkommer en ajuin of gebakken kippenuggets, lotusplant, boontjes met kersttomaten werd zorgvuldig in onze bentobox (lees brooddoos) geordend en ter plaatse opgegeten.
In de namiddag met een kleine luxebus naar Ainokura, unesco werelderfgoed en een klein dorp wat me eerder deed denken aan een Bokrijk uitstap. Het bleef miezeren, het dorp lag daardoor voornamelijk tussen de wolken. Persoonlijk vond ik dit één van de mindere uitstappen. Het gaf me onvoldoende het gevoel iets te beleven, eerder iets af te vinken en ...op naar het volgende.
Die avond was het aan het groepje van de 7 vrouwen voor de gebakken paling (unagi).
Nathie, onze reisgids had sommige restaurants op voorhand vast gelegd. Nu heb ik daar maar een beeld van dat de meeste restaurants geen plaats hebben voor zo'n groep. Het is meestal met 6-10 personen aan de toog rond de kok zitten. Ook voor de barretjes. Zo zijn we die avond nog met 4 in een ongelooflijk gezellig jazzbarreke beland, dat plaats had voor max 6 personen. Stapels cd's waar we uit konden kiezen. Een bordje gedroogd vlees, gedroogde paling en iets wat lijkt op mini babybel- kaasjes ipv de nootjes die wij kennen.
Als we dan toch eens met 13 in een bar belanden, is meestal halverwege de tweede ronde het bier op omdat ze maar zo'n kleine frigo achter hun bar hebben staan.
Maandagvoormiddag hadden we nog eens een moment vrij (terug onder een zeer aangenaam zonnetje een ochtendloopje gedaan en eerste keer wat souvenirs ingeslagen), voor 's middags terug de shinkansen te nemen naar onze laatste bestemming, Tokyo.
Kanazawa
Voor zij die geen verslagje willen missen: dit is mijn vierde verslagje. Bij het derde is er geen mail gestuurd geweest.
Na de drukke dagen van Kyoto, kwamen we dus in een oase van rust in Kaga.
Er stond voor de namiddag niet echt iets gepland op het programma .....relaxen in de onsen (sauna). De vrouwen hadden een ander verdiep dan de mannen. Eerst nog ne fotoshoot in onze kimono's in de ontvangstruimte ervan en dan de onsen in. Een massage kon die dag niet geboekt worden, maar in de relax ruimte stonden 2 massagezetels en 2 voetmassage machines die we uitvoerig uitgeprobeerd hebben.
's Avonds special dinner in onze ryokan met een Geisha en muzikaal begeleid door 2 vrouwen, maar zoals wel vaker met zulke dingen, voelde het té toeristisch aan en kan ik nu niet zeggen dat het de grootste talenten uit de omgeving waren.
Na 1 dagje relaxen, trokken we verder naar Kanazawa. Bij aankomst kregen we eerst ruim de tijd om rond te wandelen op de foodiemarkt Omicho : zeeëgel, gegrilde oesters, krab, takoyaki (gegrilde balletjes met octopus), yakitori (brochetjes), japans fruit, ....alles werd wat uitgeprobeerd.
In de namiddag nam een Japanse gids ons mee naar de Kenroku-en tuin, wat tot de top-3 tuinen van Japan gerekend : kronkelende waterlopen, stenen bruggetjes, waterval(letje), doorkijkjes en theehuis. Maar het meest opvallende was toch de pijnbomen, waar de scouts zich zouden kunnen uitleven om de takken te stutten op gesjorde palen.
Nog een leuk weetje van onze gids: in het voetpad zijn er overal sproeiers ingebouwd om de meter. Bij vriesweer komt er warm water uit, zodat de voetpaden altijd sneeuw- en ijsvrij blijven.
Voor dinner was onze groep in 2 gedeeld. De 4 mannen vergezeld van 2 dames naar het gereserveerde paling restaurant, wij met 7 vrouwen naar een piepklein restaurantje waar de kok carte blanche kreeg om ons verschillende gerechten met varkensvlees voor te schotelen (orgaanvlees mocht hij wel uit zijn menu schrappen). Volgens mij had hij, net als ons een topavond ! Gerechtjes waarbij we ons bord wilden aflikken met de nodige ambiance erbij. Via googletranslate maakte hij kennis met een gezellige bende.
Na het mooie zomerweer van de eerste week, werd zaterdag regen voorspeld, net als onze fietstocht op het programma stond. Eerst nog met een eerder folklore trein naar Hakusan National park. Daar stonden 2 gidsen en een tolk ons op te wachten. Ze stelden nog even een alternatief programma voor (in 2 busjes rondrijden en dan naar lokaal festival), maar gezien het nog niet aan het regenen was, wilden we toch fietsen. Opvallend wel hoeveel mensen van onze groep heel slechte fietsers waren en bij het minste bergop ze ofwel een duwtje in de rug nodig hadden of te voet een helling van 5% (?!) op moesten. Door het niveau van de groep en de regen halverwege die altijd heviger werd, werd de voorziene 30km ingekort naar 22. De helft van de groep had het wat gehad en wou om droge kleren naar het hotel terug.
Ik koos om (met propere, droge kleren die ik had meegenomen) mee naar het plaatselijk festival te gaan. Wat moesten we verwachten ? We kwamen dichter, maar geen muziek te horen .... tot we opeens een processie zagen staan.
Goden werden in het groot afgebeeld en 'elke God' werd gedragen door telkens een 40-tal 'dragers' op een zwaar onderstel. 1 iemand die naast het beeld stond, gaf het ritme aan wanneer de dragers het onderstel 360° moesten draaien, tot boven hun hoofd moesten tillen of tot op hun schouders mochten laten zakken of geregeld (na max 2-3 minuten) op de grond mochten zetten. De opvoering kan je nog best vergelijken met een soort haka die voor een rugby match wordt uitgevoerd. Schreeuwende kreten, best imponerend om de kracht van de goden weer te geven of om elkaar op te peppen om de kilo's gewicht te torsen. (Ps volgens mij draaien de lokale kinesisten volgende weken overuren).
Tussenin zou er geregeld sake gedronken worden, maar gezien we nog vrij vroeg waren, viel dit zeker nog mee. De gidsen superblij dat wij onder de indruk waren. Over de avond kunnen we kort zijn ... een minder sushi restaurant waar we snel terug buiten stonden gevolgd met ons open café op de parking over ons hotel, waar wel genoeg plaats is voor een groep van 13.
Kyoto en omgeving, een voltreffer
Ondertussen onze laatste volle dag in Kyoto en deze keer gingen we vroeg naar het gekendeFushimi Inari-Taisha Shrine, de oranjerode poorten. Om 7u30 waren we al daar,geen luxe om zo vroeg een hot spot te bezoeken. De poorten zijn offergoederen, de namen van de sponsors, hun lijf- of bedrijfsspreuk staan op de achterzijde.
Als ik dacht dat de voorbije 2 dagen al voltreffers waren, werd het alleen maar grootser, indrukwekkender en 'magischer' qua beleving, schoonheid én groepsdynamiek. Op weg naar de top, dunt de concentratie poorten uit en is de top haast een teleurstelling, een typisch voorbeeld van de weg erheen is interessanter dan het doel. Bij vertrek zagen we nog een ceremoniële processie van priesters (uit meerdere rangen) op klompen.
Na dit hoogtepunt opnieuw de trein op richting Nara om 's middags rond te wandelen in het Narapark, wat bekent staat alsde hertenstad van Japan, vanwege de 1200 tamme herten die er vrij mogen rondlopen. De herten werden gezien als boodschappers van de goden en hebben daarom een heilige status. Deze zijn toeristen gewend en kunnen gevoerd worden. Als ze geen koekjes meer krijgen, was er ineens één die het plannetje van Bart wou eten, een hilarisch moment wie eerst ging lossen. Dan ieder maar een halve map.
We bezochten oa de Todai-ji tempel, een enorm houten complex waar een bronzen Boedha van 16m hoog en 500 ton staat. Achteraan stond een pilaar met smalle opening onderaan, waar ik doorgekropen ben zoals door het oog van de naald. Gelukkig sta ik sinds een aantal weken wat kilo's lichter of ik had mogelijks vast gezeten :-)
's Avonds ondervonden we wat het betekent als we geen restaurant gereserveerd hadden. De groep moest zich verdelen in kleine groepjes om toch maar ergens binnen te geraken.
Omdat we de volgende ochtend maar om 10u30 moesten klaar staan om met de supersnelle Shinkansen trein richting Kagaonsen te trekken, maakte ik van de gelegenheid nog gebruik om een toertje te lopen naar het Nijo paleis,waar de laatste shogun de macht heeft overgedragen aan de keizer. Het werd wel een blitsbezoek en enkel in de tuin rondom het paleis.
Aangekomen op onze nieuwe bestemming werden we naar een luxe-resort, een ryokan gebracht. De kamers hebben een tatamivloer waar tijdens ons avondeten ons eenpersoonsbed op een dun matrsje op de grond werd klaar gemaakt.
Misschien nog klein weetje: in Japan drukken ze de oppervlakte niet uit in vierkante meter, maar in hoeveel tatami-matten (1m80 op 0,90m). Zo hadden we een keer een gids wiens zoon een flat in Tokyo van 8 tatami-matten groot huurde.
Het land van de rijzende zon
Vlakbij het hotel bleken nog 2 tempels te liggen en gezien ons druk programma de komende dagen, was het best deze te doen voor ons eigenlijke dagprogramma.
De tempels gaan open om 5u30 en de zon komt hier op om 5u50, dus stelde ik in de groep voor om in het land van de rijzende zon, om 6u in de lobby af te spreken. Enkel Frank wou mee, maar goed ... wij op dag 3 bij het ochtendgloren de stad in. In de ene was weer een ceremonie bezig en daar zat toch meer volk rond 6u30 dan bij ons in de kerk van Mechelen op een zondagmorgen.
Nadien ons uitgebreid japans ontbijt ....zalm, tonijn, championsoep, scampi tempura, heel fijne groentjes, ....eten dat wij meer associëren met avondeten.
Vandaag gingen we voor het Arashiyama bamboebos en aansluitend de thee-ceremonie.
We kwamen weer snel in de drukte terecht en bij zowat de tweede afslag waren Eva en ik al de groep verloren en hebben we besloten de hogere, mindere drukke route te doen. Om 12u zouden we wel terug aan de brug staan en ons vervoegen. Het was een bijzonder mooie ochtend, qua omgeving, weer en gezelschap en rustig op ons gemak ipv het schoolreisgevoel dat je soms krijgt als je voortdurend moet tellen of we met 13 zijn voor we verder kunnen. Kwamen we nog spandoek tegen: 'Not everyone find this, you did.'
Beter kan ik het niet zeggen.
's Middags stond een Japanse, Matcha thee ceremonie gepland. Typisch voor die Aziaten is dat ze zich willen uitsloven om het ons naar onze zin te maken. Bij momenten was het ook lachwekkend wat het ritueel was. Stel je een bierceremonie in Vlaanderen voor, waarbij je een Japanner een pint ad fundum laat leeg drinken en dan vraagt zijn glas omgekeerd op zijn hoofd te zetten ... misschien allemaal iets te ver gezocht. Zo kwam het voor mij ook wat over.
's Avonds had onze gids weer een volledig restaurant afgehuurd, deze keer voor zowat de beste sushi uit mijn leven.
De avond beëindigd in Gion wijk, hotspot van Geisha's waar we er ook 3 zagen binnen gaan ... wat daar achter de schuifdeur gebeurd is, kunnen we alleen maar raden .....
Japan/Nihon
Het is een tijd geleden dat ik nog eens een reisverhaal geschreven heb, maar een trip naar het land van de rijzende zon geeft me de zin om er nog eens te schrijven.
In 2018 heb ik al eens getwijfeld tussen de Camino del Norte en Japan. Gezien ik in de zomer 4,5 week vakantie kon nemen, leek het me best op dat moment voor de Camino te kiezen. Er zou nog wel een moment komen dat Japan de goeie keuze was.
Dit jaar was mijn eerste keuze eigenlijk Kirgizië (3 weken), maar toen Sofie me vroeg voor weekje yoga en surf in paasvakantie te plannen en dat niet te combineren zou zijn met 3 weken 'grote vakantie' , was de keuze gemaakt: weekje nog eens met Sofie op stap en 2 weken Japan met Wonderways.
Voor mij was het denk ik 10 jaar geleden nog eens buiten Europa te zijn geweest. Gezien ik ook net een camper heb gekocht, zit de kans er wel dik in dat ik de komende jaren terug eerder door Europa zal reizen.
Soit, Japan ...
Eerst intro vergadering online. Op dat moment had ik toch nog wat koud watervrees over de groep en over de reisbegeleidster die als een overenthousiast duracellkonijn overkwam. Maar eens in de luchthaven en de eerste gesprekken op het vliegtuig, had ik er het vertrouwen in dat er heel wat interessante types mee op stap waren.
Over de eerste dag kan ik weinig kwijt. Geland met paar uur vertraging in grijs Osaka en dan moest busrit naar Kyoto nog beginnen. 'S Avonds voor het eerst verkenning van Kyoto tower en de buurt errond.
De tweede dag werd wel een voltreffer. 's Morgens bracht een gids ons naar de 1001 beelden in de Sanjúsangen-dõ tempel. Het deed me wat denken aan het Xi'an leger in Xi'an - al staat er maar één tiende van dat aantal beelden. Bijzondere was wel dat er net een ceremonie begon met gezangen aan de offertafel. Altijd een beleving om dit te mogen aanschouwen.
Nadien werden we naar de Kiyomizu tempel gebracht en maakte daar alvast kennis met de Japanse drukte maar waar alles toch heel rustig en beheerst verloopt. Heel wat Japanners huren daar in de buurt een kimono waarmee ze de site bezoeken. Afsluiten deden we daar aan de 'waterval', ttz 3 kleine stralen, die symbool staan voor gezondheid, succes en liefde waarmee je je 'kruikje' kon vullen en uitgieten over je handen/polsen zodat je wens kon uitkomen. Gezien mijn huidige gedachtengang, was de straal waarmee ik mijn kruikje ging vullen, snel gekozen.
In onze vrije namiddag ervoor gekozen om langs de rivier te gaan lopen naar Kyoto Gyoen national park.
's Avonds had Nathie, onze gids en ondertussen mijn eerste gedachte helemaal bijgesteld, een restaurant volledig afgehuurd. 2 tafels en de rest van onze groep aan de toog,was deze keuze een ongelooflijke voltreffer, zowel op gebied van smaken als van sfeer.
De eerste volle dag in Kyoto en al zo tevreden dat ik voor deze reis gekozen heb.
Inspiratie
Mijn laatste verhaal schrijf ik vanuit de trein van Cahors op weg naar (t)huis.
Vrijdag sliep ik dus in het klooster en heb daar wel een mooie tijd gehad. Jérémie, een jonge priester van 35 jaar van Parijs heeft er een mis van een half uur voorgedragen waar ik wel naartoe ben gegaan. Hij kon trouwens prachtig en krachtig zingen. Nadien was het nog 20 minuten gebed en gezangen door de dochters van Jezus, maar die bakten er eigenlijk niets van. Het kon niet snel genoeg gedaan zijn voor mij. In de enige bar van het dorp hebben we nog fijn nagepraat met een sportief Waals koppel Etienne en Veronique die al een aantal dagen mijn pad kruisten en Chantal een Waalse van 70 jaar, maar zeer jong van geest die de volgende dag met de wagen naar Cahors zou gaan en direct huiswaarts vertrekken richting kinderen en kleinkinderen. Haar voeten en pezen waren te pijnlijk geworden om haar laatste (16de ?) dag nog te stappen.
Heel veel keuze had ik dus niet in Cahors om mijn camino mooi af te sluiten met pelgrims waarmee ik wat samen gestapt had. Bij het binnenkomen van Cahors was er een klein huisje waar een warm onthaal gegeven werd aan pelgrims, georganiseerd door vrijwilligers en zeer welkom omdat mijn water in mijn gamelback ondertussen zeker dezelfde temperatuur als de buitentemperatuur had. Op dat vlak is het iets fijner stappen in Spanje omdat de voorzieningen (lees bars die open zijn) wel al beter zijn. Ze regelden van daaruit opvang om te slapen voor de pelgrims naar gelang de keuze van de pelgrim natuurlijk.
Heb dan maar besloten met Jérémie op hotel te gaan, weliswaar ieder zijn eigen kamer :-) ???. Zodoende kon ik zondag rustig ontbijten voor vertrek en had geen pelgrims die me erg vroeg zouden wekken. Mijn motivatie was ook wel dat het een hotel met zwembad was en het is toch 14 dagen rond de 30 graden of meer geweest in de namiddag. Was natuurlijk teleurgesteld toen bleek dat het zwembad 2 dagen technisch defect was, maar had eigenlijk geen zin/fut meer om naar een gite pélérins te gaan. Mijn indruk van Le chemin in Frankrijk is wel een beetje dat het binnenland van ‘La Douce France’ wat in verval geraakt en de Fransen me niet echt de indruk geven dat ze willen werken in tegenstelling met de veerkracht van de Portugezen in 2013. Veronique en Etienne ben ik jammer genoeg ‘s avonds niet meer tegen gekomen in de stad, wel 3 Franse pelgrims (die mijn pad afgelopen dagen ook meermaals gekruist zijn) waaronder 1 Parijzenaar die me al een metrokaartje gegeven heeft voor Parijs omdat blijkbaar 1u tijd om een kaartje te kopen én de metro te nemen, maar blijkbaar nipt kan zijn. Onder het motto : elke pelgrim helpt een andere pelgrim zijn doel te bereiken, was dit een mooie afsluiter van een zeer rustgevende vakantie.
Afgelopen 14 dagen heb ik dus een dikke 350km gewandeld richting Spaanse grens. Rest me nog een 400km die ik ooit wil overbruggen tussen mijn eindpunt van dit jaar en mijn startpunt van mijn eerste Camino in 2012. Ik ben wel verheugd dat het op deze Camino me gelukt is mijn 2 zussen te inspireren ooit (volgend jaar ?) een stukje samen te stappen. Mijn oudste zus Christine was al wat getriggerd tijdens de Camino del norte. Voor Pascale was het iets moeilijker haar mee op pad te krijgen. Timing .... super belangrijk in het leven en de omstandigheden willen dat we elkaar warm gemaakt hebben dit jaar om eens een stuk samen te lopen.
Tijdens het wandelen krijg je zoveel tijd om over het leven na te denken. Jan heeft rond mei 2017 te horen gekregen: “Nog 3, 6, 8 maand, maar geen jaar niet meer.” Uiteindelijk zijn het nog 10 maanden geworden, mede dankzij zijn spirit denk ik. Het is een zin waar ik zeer regelmatig op de Camino aan denk. Wat zou ik zelf nog uit mijn leven willen halen, mocht ik dit te horen krijgen ?
- Ik zou zeker Le Chemin/ El Camino/ The Way/ De Weg willen voltooien tot St-Jean-Pied-de-Port, hoe klein de etappes ook moeten worden en hoeveel hulp ik ook zou moeten aanvaarden om tot daar te geraken.
- Ik zou Sergio willen vragen of Jane en Tarzan nog een keer in zijn restaurant mogen komen eten, maar de grote vraag momenteel is nog wel: ‘Wie is Tarzan ?’ ?
- En het gevoel van stabiliteit, geborgenheid, veiligheid, zekerheid, ‘la tendresse’ waarmee ik mijn leven begonnen ben, wil ik ook mee kunnen afsluiten.
Maar liefst van al zou ik mijn leeftijd nog willen verdubbelen op een gezonde manier. Ik ervaar een ‘joie de vivre’ waar ik moeder natuur zo dankbaar voor ben.
En elke pelgrim heeft tijd om nieuwe plannen te maken, nieuwe dromen vorm te laten geven. ‘Suivez vos rêves, ils connaissent le chemin.’
Als ik ver kan wandelen, kan ik ook ver fietsen. Zou heel graag één van komende jaren van Oost naar West Amerika (of omgekeerd) willen fietsen. Een olifant eet je ook niet op 1 dag op, dus desnoods verdeeld over meerdere jaren zoals ik ook zal doen met het stuk camino in Frankrijk. Als pelgrim in Spanje en het zuidelijk gedeelte van Frankrijk voel je je wel nooit alleen op weg naar Santiago. Ik schat dat zowat 40% van de pelgrims alleen vertrekken. Iedereen stapt dezelfde richting uit en volgt hetzelfde pad. Het is dus niet heel moeilijk iemand tegen te komen met wat dezelfde spirit en die iets of wat hetzelfde tempo stapt. Bij het fietsen zal dit niet mogelijk zijn. Ik weet wat me dus te doen staat: iemand mijn weg laten kruisen die er ‘onze droom’ van wilt maken.
Je wandelt je leven
Het begint al bij het vertrek: Wat neem ik mee in mijn rugzak ? Hoeveel kilo sleur ik mee ? Hoe meer bagage je meesleurt, hoe lastiger wandelen het is, maar dat is net zo in ons leven. Ieder heeft zijn verleden en al wat in zijn rugzak zitten, maar hoe meer verwerkt is uit het verleden, hoe lichter het toch de tocht maakt.
Moet je voor alles voorzien zijn ? Niets zo lastig dan koud en nat hebben. Zich beschermd voelen is een basisbehoefte, maar je kan maar bv 1 onderbroek tegelijk aandoen, je gaat in de zomer geen 3 pulls over elkaar aandoen, enz (ik heb bv maar 2 wandel T-shirts bij, nog 1-tje met lange mouwen die je bij 30 graden overdag niet nodig hebt, maar ik de eerste dag wel ‘s avonds aandeed). Voor de rest doe ik bv al 14 dagen ‘s avonds hetzelfde kleedje aan. Maar je kan nooit op alle situaties voorzien zijn en desnoods ga je bv bij de apotheker langs als je daarvan iets nodig hebt. Heb ondertussen geleerd dat je echt het minimum moet meenemen.
In 2012 vond ik nog dat iedere pelgrim zijn rugzak (‘zijn verleden’) mee op de rug moest nemen “Het was mee onderdeel van de pelgrimage” dacht ik. Daar heb ik al lang een andere mening over. “Chacun son chemin” en als je weet dat er pelgrims zijn die herstellende zijn van kanker en toch op stap zijn, daar heb ik inmiddels alle respect voor en vind dus dat ieder maar moet kiezen of ze hun bagage elke dag vooruit sturen of niet.
Ligt mijn bestemming vast ?
In Spanje is het voor de albergue communale (herbergen van de overheid) niet mogelijk om te reserveren, voor privé-albergue wel, maar het is zeker nog geen vaste gewoonte. In Frankrijk zijn 80% van de pelgrims Fransen en wordt er meer gereserveerd. Maar ik ben een beetje van principe dat ik niet op voorhand wil reserveren. Ik wil mijn bestemming/lot niet vastleggen. ‘s Morgens vertrek ik en heb ik wel een idee waar ik zou wil eindigen, maar dit kan afhankelijk van de omstandigheden veranderen. Zo ben ik vorige zaterdag op stap vertrokken en dacht Juliette niet meer terug te zien omdat ze tegen zondagmiddag in Conques moest zijn en ik die dag een ‘rustdag’ wou inlassen. Het was snikheet en ik had blaren op mijn voeten en dacht maar 12km te stappen en aan het openbaar buitenzwembad te gaan liggen in een kleine stad. Volgens de geest van de pelgrim moet men elke dag iets vorderen. Het leven staat ook niet stil en gaat ook altijd voort eender wat er gebeurt. Was dat zwembad toch niet toe, zeker ? Bij meer dan 30 graden !! Ik heb dan beslist verder te stappen en te zorgen dat ik zondag voor 13u in Conques zou zijn of dit nu te voet of via autostop zou zijn. Ben die dag 3 auto’s tegen gekomen (oa postbode), maar geen van de 3 pikte me op. Al bij al vond ik na 30km een plaats in een gite MET zwembad. Mocht ik gereserveerd hebben, ik zou waarschijnlijk niet verder dan 12km gewandeld hebben.
Op geen enkele van de 4 camino’s heb ik problemen gehad met niet te reserveren. Op de drukke camino Frances zijn we ooit verplicht geworden 4 km extra te wandelen omdat de 2 albergues in het dorp vol lagen. In het volgende kleine dorp kwamen we terecht in een nieuwe Italiaanse albergue, zowat de beste albergue die we op de camino Frances gehad hebben. Zo zie je maar ... geluk moet je soms ook afdwingen.
Waarom reserveren mensen of vertrekken ze in Spanje voor dag en dauw ? Angst dat men geen bed zal hebben ? Vandaag zag ik iemand vertrekken met 3 liter water in zijn rugzak !!! Angst dat men geen fontein gaat tegenkomen of dat ze droog staat ? Ik draag in normale omstandigheden niet meer dan 1 liter mee (tenzij je op voorhand gewaarschuwd wordt dat er geen water voor handen is of je geen dorp tegenkomt voor meer dan 10km). De fouten van je dagelijks leven worden wel wat uitvergroot. Angst .... slechte raadgever !
Ps. Ik geef toe : als ik gewoon op vakantie ga, is mijn bed ook gereserveerd :-)
Sinds Juliette en Kimie niet meer mee lopen, heb ik geen vaste maatjes meer, hoewel ik de laatste dagen een aantal gezichten vaak tegen kom. Vermits we momenteel onderweg gewoonlijk maar één bar per dag tegenkomen die open is, zitten we altijd in dezelfde. Vanavond ben ik met een paar vertrouwde gezichten in een klooster van de dochters van Jezus (????) beland, een prachtig gebouw langs buiten trouwens. Ik weet niet of Jezus in La douce France ooit quelques ‘bétises’ heeft uitgespookt, maar bij mijn weten heeft Jezus volgens de Nederlandstalige versie van de bijbel geen dochters ?
Le chemin de Le Puy en velay
Het is wel even wennen om er terug in te komen om te schrijven.
Ondertussen wandel ik voor de vierde keer een camino, ditmaal de eerste keer in Frankrijk en zonder eindbestemming, ttz ik zal 14 dagen wandelen vanuit Le Puy en Velay het centraal massief over richting St-Jean-Pied-de-Port (mijn vertrekpunt van 2012 en een kleine 800km van Le Puy en Velay), maar zal wel zien waar ik zal eindigen. Alles is afhankelijk van het weer, wie je tegenkomt, de voeten, de benen, ... Zo gaat het eigenlijk ook in ons leven: altijd verder, terwijl onze eindbestemming niet vast ligt. Ben ondertussen al wel een 10-tal dagen onderweg en leef al helemaal volgens de spirit van ‘Le chemin’.
Het voelt aan alsof wandelen eerst je lichaam in beweging zet, en zo ook je geest en geleidelijk aan worden ook je zintuigen op scherp gesteld. Zoals een Duitser het vandaag mooi verwoordde: ‘penser ou pas penser’. Het ene moment ben je in gedachten helemaal verzonken, het andere moment denk je precies aan niets en laat je je zintuigen volop alles opnemen.
Het ene moment lijkt het of je precies op het perron staat te kijken naar de TGV die ons dagelijks leven is, het andere moment zit je in de boemel die traag lijkt verder te tuffen waardoor wat je passeert rustig in je kan opnemen.
Het ene moment wandel je graag alleen, het ander moment wacht je graag een mede-pelgrim op om een stukje samen te lopen. Zeker op de momenten dat je voeten pijn doen of je benen moe zijn, is het fijn een maatje te hebben.
De eerste dag ‘s avonds in Rochegude ben ik Juliette tegen gekomen, de tweede dag zijn we elkaar wat uit het oog verloren (rara, wie was als eerste ‘s morgens de deur uit ?) om vanaf de derde dag mijn wandelmaatje te worden. We konden het prima met elkaar vinden. Zij heeft me helpen vooruitgaan (ik deed eigenlijk meer kilometers de eerste dagen dan mijn voeten aangenaam vonden), maar ook helpen afremmen (haar wandeltempo was net iets trager). Deed me terugdenken aan 1 van de titels van vorig jaar, maar zo herkenbaar: If you want to go fast, go alone. If you want to go far, go together. Later die week hebben Kimie (een Japanse die in Londen woont) en André, een Zweed ons verder vervoegt.
Wat ik zo mooi vind aan de camino is dat het ons laat ervaren wat vriendschap, gastvrijheid, diversiteit, sereniteit, integriteit en dankbaarheid betekenen.
Het reikt ontmoetingen aan, maar zorgt tegelijk ook voor een zeer diepinnerlijke rust. Elke moslim moet eens in zijn leven naar Mekka, maar al de anderen raad ik toch aan 1 keer naar Santiago te wandelen ! :-)
Ergens in een bar onderweg hing een bordje: ‘Le touriste exige, le pélèrin remercie.’
Ps. Gisteren heb ik mijn verhaal van vorig jaar nog afgemaakt. De vorige 2 verhaaltjes gaan dus nog over de vorige camino.