Aankomst Santiago
Omdat ik al eerder 2 keer te voet ben aangekomen in Santiago en je de laatste dag een heel deel langs het vliegveld moet wandelen, hadden de mannen me wel zover gekregen om mee met hen de bus te nemen naar het centrum van Santiago.
Hierdoor konden we eindelijk een keer uitslapen tot 8u, eerst rustig ontbijtje nemen en dan de bus nemen voor een 18-tal km naar centrum van Santiago.
Heel eigenaardig maar het voelde ‘s morgens aan alsof ik mijn beste kleren wou aandoen om me klaar te maken om mijn communie te gaan doen of de ‘confirmacion’ te vieren van mijn geloof. De 2 vorige keren had ik dat niet zo ervaren, maar ik wist wat er ging komen. Om een zitplaats te hebben in de kathedraal voor de mis van 12u, ben je er best 1 uur op voorhand. Nergens leeft volgens mij nog het katholicisme zo levendig dan in Santiago. Het is ook het moment waarop je pelgrims opnieuw kunt tegenkomen die je eerder op de camino bent tegen gekomen en soms 14 dagen niet meer gezien hebt.
En bovenal is het toch altijd wat hopen dat de botafumeiro aangestoken wordt. Dat is een wierookvat van 53 kg en is anderhalve meter hoog. Het wordt tot een hoogte van 20 meter en met 70 kilometer per uur geslingerd van de ene zijbeuk van de kathedraal naar de andere. Dat in combinatie met zware orgelmuziek geeft me altijd een apocalyptische indruk alsof het einde nabij is :-)
(https://www.youtube.com/watch?v=rsrqkYQvpr4&list=TLPQMTMwOTIwMjU0DsimhqMoYQ&index=28).
We hadden wel pech, want de botafumeiro ging deze keer niet de lucht in, maar dat weet je maar als de mis bijna gedaan is. Zo is het nu éénmaal soms in het leven: het uitkijken naar iets, kan mooier zijn dan het doel op zich. De weg naar Santiago is in feite ook veel mooier dan de aankomst zelf.
Met welk gevoel denk ik terug aan de camino del norte ?
Camino geeft me het gevoel dat ik heel weinig nodig heb om me gelukkig te voelen. Een steen of wat dan ook om even op te rusten, een wijds uitzicht, vogels die om je heen fluiten en kom naast me zitten ... ik weet dat ik niet meer nodig heb om gelukkig te zijn.
Evenwicht: deel 2
Hoe meer kilometers in de benen, hoe meer je er in een dag kunt doen. Het lijkt of je lichaam went aan de kilometers, maar toch voel ik ook een zekere vermoeidheid en zo wil ik nog een keer terugkomen op ons simpel leven: stappen, slapen, eten en drinken.
Meestal liggen we niet meer in de albergue municipal (van de overheid) maar woensdag in Fonsagrada hadden we de keuze tussen een 2-persoonskamer met 1 bed of de albergue municipal met een kamer van 4. Geen van ons zag enige combinatie met dat dubbel bed mogelijk, dus werd het nog eens de albergue die quasi nieuw was.
Elke dag is het een ander bed wat terug wennen is, ten laatste om 7u30 staan we op om al dan niet voor het ontbijt al wat kilometers te doen en als er 2 stapelbedden staan, moeten de berggeiten naar boven klimmen (lees: de opa’s moeten vaak meermaals naar toilet als ze al niet snurken). Maar de inspanningen overdag vragen toch voldoende rust. Vandaar ik er ook minder toekom om bij aankomst nog een verhaaltje te schrijven. Regelmatig hou ik dan ook even siësta. Het is misschien niet voor niets dat ik vrijdag op weg naar Lugo voor het eerst pijn voelde aan mijn achillespees. Na een lange pauze onderweg, ging het dan toch terug beter. Het was die vrijdag terug mooi, warm weer en dan ben ik ook net iets meer in vorm, lijkt me. Had ik die dag dan iets te snel gestapt ? Gelukkig is de pijn wel bij 1 dag gebleven.
En dan kom ik bij het laatste punt van ons simpel leven: eten en drinken. Toch niet onbelangrijk voor ne Van Hoof :-) De eerste week ben ik volgens mij een kilo kwijt gespeeld, maar veel verder naar beneden ben ik volgens mij niet geraakt. Op zich is het eigenlijk best eigenaardig dat ik de derde dag Peppie en Kokkie tegen gekomen ben, wat aan de praat geraakt ben met Peppie terwijl we in een zelfde tempo naar omhoog gingen en we sindsdien samen gebleven zijn. Op gebied van filosofie over eten zijn we 3 handen op 1 buik en op dag 5 heeft Jean-Michel, ‘onze sommelier’ zich vervoegt. Ieder maakt van zijn camino wat hij wil, maar ik zit wel tussen het juiste gezelschap om balans te vinden tussen de inspanningen overdag en het genieten van de culinaire deugden des levens ‘s avonds, ook al zijn er in sommige dorpen slechts 2 bars/restaurants. Ik heb de indruk dat we altijd het juiste kozen. Zolang we langs de kust liepen, was ‘le poisson’ zowat hetgeen dat dagelijks op ons bord kwam. Maar de meeste pelgrims voelen ook wel de nood om gezond te eten / drinken onderweg: Peppie en Kokkie begonnen bv elke morgen de dag met een stuk gember, elke voormiddag dronken we wel ergens ons glas vers geperst fruitsap, restaurants of albergues die zich richten op ‘bio’ of ‘vegetarisch’ hebben zeker ook hun publiek.
In Cantabrië en Asturië zijn dorpjes van 20 tot 50 inwoners geen uitzondering. Soms lieten we voorzichtig zelf de klok van de kerk luiden, maar veel gebeurde er dan niet. Niet dat de plaatselijke bevolking aan tournée général dacht, er was in de verste verte geen bar te bespeuren.
Maar 50km voor Santiago komt onze Camino samen met Camino Frances: als je vanaf nu in elk café een pintje bestelt, zou je op handen en knieën verder moeten naar Santiago, ttz het laatste stuk is te commercieel geworden en minder fijn stappen, al zal het weer en het feit dat we 10 keer per dag onze regenponcho aan of uit deden er wel iets tussen gezeten hebben.
Ps Eigenlijk is dit deel 1 jaar later geschreven terwijl ik momenteel in Frankrijk le chemin/ de camino wandel, wel gebaseerd op nota’s die ik de laatste dagen nog gemaakt had. De komende dagen wil ik over deze Camino schrijven.
Bienvenido a Galicia
Maandagavond voelde ik me echt moe en wou me ‘s morgens laten wekken door mijn biologische klok (en die is niet om 6u15 :-)). De mannen verwachtten voor de derde dag op rij warm weer en wilden weer vroeg op pad. Ik liet dit aan mij voorbij gaan en zou achter komen. En al maar chance, want er was ‘s morgens in de verste verte geen zon te bespeuren.
De afgelopen 2 dagen waren eerder overgangsetappes, maar dat heeft ook met het weer te maken. We hebben zowat 2 dagen in de mist/in de wolken gewandeld met zeer beperkt zicht. Dit komt hier blijkbaar wel vaker voor. Mooie dagen wisselen zich af met mistige dagen. Qua temperatuur is het wel aangenaam om te stappen, al mis ik dan wel ‘s avonds de zon om in je T-shirt buiten te zitten. In heel Europa is het blijkbaar momenteel hoog zomer, maar dus niet in noord-Spanje.
Ipv in de zon te zitten bij aankomst, wilden we dan met ons 4 naar de kapper in een dorp van 500 inwoners. Die kapster kon haar dagomzet in één keer halen ! We informeerden ons om 16u30, maar volgens haar was het nog Spaanse siësta (om 17u deed ze terug open en ze kon er maar 3 doen). Dus de mannen zijn gekortwiekt, het mijne zal voor later zijn.
Het lijkt dat we de laatste 2 dagen niet veel gezien hebben, want heb precies ook minder te vertellen. Vanmorgen liepen we nog voorbij een kudde koeien. Meestal zijn die ook toe aan een siësta en laten zich goed fotograferen, maar vandaag was het één koeiengeloei. Ergens in de mist liep boer Knol met een stok, maar heel duidelijk was het niet voor mij. Volgens Pierre werden de kalveren afgescheiden om geslacht te worden ??? Door de mist waren de koeien snel uit beeld, maar terwijl we bergop gingen, ‘huilden’ ze nog zeker een half uurtje, wat hartverscheurend was om te horen. Ik ben momenteel precies niet meer snel toe aan kalfsvlees. Relaxed voelde ik me al van week één, maar ondertussen ook zo zacht als een eitje en eerder een watje :-)
Ondertussen zijn we woensdag de provinciegrens overgestoken en wandelen we na Spaans Baskenland, Cantabrië en Asturië nu in Galicië, waar ook Santiago ligt (nog 166 km aan die grens). De aanduiding hiervoor is perfect, maar op zich ook jammer, want op elke markering staat de exacte afstand tot Santiago aangeduid en het is moeilijk ernaast te kijken. In onze credencial (stempelboekje waarmee we toegang hebben tot albergues en bepaalde pensions) staat het mooi verwoord:‘Je wordt niet gelukkig van het doel, maar van de weg ernaartoe.’
Je wil thuis al wel uitkijken naar je vakantie toe, maar niet al op dag x van je reis aftellen naar het einde. Het wandelt dus ongewild wel anders, want nu heb je ‘s morgens al een target op hoeveel km je ‘s avonds wil eindigen en is het toch iets meer aftellen.
Thanks God, I’m a country girl
Na de korte etappe van zondag, stond een pittige etappe op het menu: we zouden naar het dak van onze Camino stappen vandaag, in totaal quasi 30km doen en het zou warm worden. Met ook nog eens een siësta op zondagmiddag, hebben ze me toch zo zot gekregen de wekker om 6u15 te zetten. Voordeel is dat we dan zonsopgang in de bergen een keer zouden kunnen zien. Alé, voor één keer dan :-)
Na een koffietje dan om 7u op pad. Maar midden in de wolken .... bij momenten kon ik iets van zon herkennen, al leek die eerder achter een koffiefilter te zitten. Na een uurtje zat ik toch terug boven de wolken. Het was nu al merkbaar dat het warm ging worden, maar het was een prachtige morgen. Bedoeling was om in de vroege ochtend zo goed mogelijk te vorderen, maar ik hield eigenlijk voortdurend halt om de zon te groeten en dacht : “Thanks God, I’m a country girl”.
Na 8km stijgen had ik JM ingehaald en hebben we samen ontbeten met een weids uitzicht over een grote vallei, dat deels in de wolken lag, deels met zicht op groene weien. Not ‘A room with a view’, maar ontbijt op een toplocatie, wel met brood van 2 dagen oud waar zelfs een berggeit lang op moet kauwen.
Ik ben nogal fanatiek over mijn gewicht van mijn rugzak, de mannen veel minder. Elke gram telt is mijn mening (al is het misschien meer mentaal) en ben dan ook content dat elke dag mijn dagrantsoen douchegel, tandpasta, zonnecrème, toiletpapier, .... mijn gewicht een beetje doet zakken. Heb dan ook nooit een grote voorraad eten/drinken bij me. Koop me bv één stuk fruit en als het op is, koop ik wel iets anders. Zo kocht ik een keer een appelsien van een bejaarde vrouw van rond de 80 die in haar rolstoel voor haar huis zat met een fruitmand. Ze vroeg er 1 euro voor, wat belachelijk veel geld is hier voor een appelsien, maar zij content omdat een pelgrim iets uit haar mand kocht en ik omdat ik in the middle of nowhere een appelsien kon kopen en er niet een halve dag met moest sleuren. JM sleurt geregeld een pot confituur mee. Nu moet je eens een pot confituur op een keukenweegschaal zetten en nadien voor datzelfde gewicht een stapel onderbroeken .... kans dat je voor elke dag een ander onderbroek kunt meepakken.
Die mannen spelen liefst op safe en denken ook dat we elke dag naar de maan vertrekken en ze onderweg niets meer kunnen kopen. Nu goed ... enkel Pierre heeft nog een gids met hoe de route eruit ziet en toen ik ze zaterdag van de supermarkt zag terugkomen met een halve winkelkar, heb ik ook maar mijn voorraad brood ingeslagen voor 2 dagen (met een beetje beleg). Al bij al was het zeker zondag nog mogelijk brood te kopen in het dorp(je) waar we sliepen, maar tant pis. De mannen hadden wel voor een stuk gelijk want na 25km kwamen we voor het eerst terug iets of wat in de bewoonde wereld, maar eerder in een gehucht met een paar verlaten huizen. Ik ging kijken waar de bar was en JM lachte me wat uit. Hij had terug gelijk want pas 5km verder op onze eindbestemming van de dag konden we voor het eerst iets drinken.
Mocht ik werkloos zijn in Spanje, ik zou een Camino stappen en opschrijven waar ik er eentje wil drinken. Dan nog een tweede keer dezelfde Camino lopen en zien of ik daar nog altijd dorst/honger heb. Rijk zal je er misschien niet van worden, maar met groeiend aantal pelgrims, zijn er zeker nog mogelijkheden om hier iets te ondernemen.
Ps. Ondertussen is mijn terugvlucht geboekt. Woensdag 4 juli , vlieg ik van Porto naar Brussel om daar om 18u30 te landen.
Eens pelgrim, altijd pelgrim
Eens je één Camino gedaan hebt, heb je de smaak te pakken. Zelf denk ik er ook zo over en wil zeker nog een keer in Frankrijk vertrekken vanuit Le Puy en velay. Sinds we op de primitivo zitten, stapt een Australiër ook wat in ons ritme. Vorig jaar heeft hij de Camino Frances gelopen en wou dit jaar terug naar Europa komen hiervoor en was nu in Irun vertrokken (één etappe voor mij). En zo zijn er heel veel pelgrims op del norte voor wie dit niet hun eerste Camino is.
Zelf ben ik in 2012, na mijn eerste Camino, maar te weten gekomen dat de straat waarin ik al 5 jaar woonde op de fietsroute ligt naar Santiago. Heb me toen ook bij Vlaams genootschap opgegeven om onderdak te bieden aan passerende pelgrims, maar met de strengere reglementering sta ik niet meer op de site. Mocht iemand onderdak zoeken in Katelijne, je weet me te vinden.
Ik herinner me ook de woorden van Jeanne, een super toffe Nederlandse vrouw, die in 2012 70 werd en vertrokken was in Vezelay, zo’n 1600 km van Santiago : “Dit is het mooiste dat ik mezelf cadeau heb gedaan.”
Het is niet dat je enkel nog een keer een Camino wil lopen, maar ook een zekere mindset. Pelgrims overdag begroeten elkaar met ‘buen camino’, maar de meesten stellen zich open en begroeten ook iedereen die ze passeren en geregeld ook alles wat zowat ademt en leeft. Je krijgt op dat moment vaak ook mooie reacties terug van de Spanjaarden, maar net zo goed van dat kalf in de wei. Ik stel het misschien allemaal wat te idyllisch voor, moeilijk om uit te leggen, maar de pelgrims die hier aan het lezen zijn, herkennen het waarschijnlijk.
Als ik dan terug denk aan het hotel van gisteren, begrijp ik ook wel die patron. Hij zal in mijn ogen nooit eraan kunnen verdienen, maar zal hem waarschijnlijk een worst wezen. Elke avond heeft hij pelgrims op bezoek die hem enorm dankbaar zijn voor zijn gastvrijheid, maar hem doen terug denken aan zijn Weg.
Het was zondag .... rustdag .... tijd voor de filosofieles tijdens ons uitgebreid ontbijt. Morgen staat een fikse etappe op het programma, maar vandaag gingen we normaal 17km doen. Ik had zon gevraagd en kreeg deze ook. Het was voor het eerst een warme stapdag, waarbij ik blij was in de schaduw te kunnen wandelen.
Gisteren was op alle vlak een topdag, maar vandaag moest zeker niet onder doen. We begonnen reeds boven de wolken en dat zorgde voor prachtige landschappen. Het tempo zat er alles behalve in. Geen modder en dus tijd zat om de schoonheid van de natuur te aanschouwen en voortdurend even halt te houden. Het tweede stukje was door het bos waar de vogels voor een concert zorgde en we ook een marter konden fotograferen en eens uit het bos ... liepen we in de blakke zon. Het leek of we meer pauze hielden dan stapten, geen nood : de etappe was kort. Maar na 14km kwamen we een mooie privé albergue tegen met 2-persoonskamers. De gepensioneerdenbond besliste dat we hier halt hielden. Die 3 km doen we er morgen wel bij. Een Italiaans koppel was hier ook gepasseerd, hadden al 3 km doorgelopen naar het volgende dorp, maar hun dan met de taxi terug naar onze albergue laten brengen. Helemaal volgens de spirit van een pelgrim :-)
Copa mondial
Wat een topdagje vandaag !!
Gisterenavond toegekomen in Salas en nog eens in een Albergue (naar mijn hart) geslapen waar ze ook 2-persoonskamers hadden met deftige stapelbedden. Een Nederlander heeft het pand een paar maand geleden gekocht en sinds 1 maart baat hij deze uit (albergue la Campa). ‘s Avonds kookte een Nederlandse een heerlijk vegetarisch menu en vanmorgen een proteïne pannenkoek met vers fruit. De keuken/kokkin is het zeker waard daar te logeren !
Volgens het boekje ging het vandaag een korte etappe worden. Ideaal om te combineren met een match om 14u van de Belgen. JM al op pad, ik als tweede vertrokken en de Fransen ..... die wachten tot de schildpadden een stukje op pad zijn.Na 5 minuten ging het pad een bos in vol lianen. Ik dacht .... dat is hier de natuurlijke biotoop voor Tarzan. Heb heel goed rondgekeken, maar kon hem toch niet vinden. Dan maar verder, zeker ?De weg ging omhoog met veel mist. Ondertussen was ik uit dat bos maar kon geen 100m voor me zien. Het leek echt of we in een wolk zaten alsmaar hoger. Ik dacht nu ... sebiet kom ik Tarzan nog in een Boeing 737 tegen ! Maar hoorde niets. Dan maar verder, zeker ?Ondertussen was ik al samen met JM aan het wandelen en eens boven klaarde het helemaal open en kwam de zon eindelijk er nog eens goed door. De laatste dagen hebben we geen regen gehad, maar wel bewolkt en geen Spaanse temperaturen. Anderzijds wel aangenaam stapweer, al heb ik zeker ‘s avonds liever wat zon.
Nadien kwam een heel mooi stuk, met een weids zicht van bergen die boven de wolken uitkwamen, maar spijtig genoeg lag er (weer) veel modder op het pad. Nadeel is dat je dan zo aan het ploeteren bent dat je dan je focus op je eigen legt i.p.v. je aandacht naar de buitenwereld te richten. Ik moest me letterlijk vasthouden aan de takken van de bomen om niet weg te zakken in de modder. Het voelde wat aan als een allegaartje van klimmen, schaatsen, turnen, verspringen, .... en zorgen dat je rugzak of jezelf niet aan de prikkeldraad bleef hangen, anders mijn rugzak ofwel mijn broek in 2. Geen van beide zag ik zitten. JM, de koning van de modder, maar met hoge wandelschoenen had er precies minder last van.
We waren net op tijd voor de match van de Belgen. Niet dat het hier dikke ambiance is met 2 Belgen in een café en wat Spanjaarden op het terras, maar de match tegen Tunesië was mee onderdeel van onze topdag, net zoals onze albergue van vandaag.
We liggen namelijk in de kelder van een viersterren hotel in compartimenten van 4 bedden en tussen 17u en 19u mochten we gebruik maken van de sauna en Turks bad van het hotel. Blijkbaar heeft de patron van dit hotel met zijn vrouw ook de camino gelopen en nadien beslist onderdak te bieden aan pelgrims in zijn hotel. Vorig jaar zou zijn vrouw overleden zijn.Het is voor pelgrims echt super leuk en luxueus ingericht, ook het sanitair.‘s Avonds konden we een menu del dia nemen in dat hotel in een aparte zaal voor pelgrims (te zot dat niet elke pelgrim hiervoor gereserveerd had). De patron zat daar ook aan een tafeltje naast ons, maar op eerste zicht niet met een andere pelgrim, maar eerder een local, maar was wel heel toegankelijk en ging bij de meeste tafels even langs. Pierre wou dezelfde fles wijn als hem, ‘dat zal wel een goede keuze zijn’. Bij de afrekening bleek dat de wijn mee op de afrekening van de patron stond !
Mijn titel voor morgen is ook al klaar. Eens pelgrim, altijd pelgrim, maar de eerste vraag is: wie doet zoal de Camino ? Eigenlijk iedereen. Je ziet zeker ook heel wat jongere studenten die al klaar zijn dit jaar of studies opgegeven hebben, maar net zo goed ouderen van in de 70 al doet ieder het op zijn manier en doet niet iedereen even lange etappes. Met ons 4, hebben we ook verschillende boekjes die niet even lange etappes voorstellen. André maakte de opmerking dat één van de boekjes voor de vrouwen gemaakt was of .... voor de oudjes repliceerde ik. De groep van 30/40-ers is zowat het minst vertegenwoordigd, maar misschien ook logisch. Tijd is het grootste probleem. De camino portugues vanuit Porto is een korte (250 km), maar je hebt echt wat tijd nodig om in een ander ritme/gevoel te komen.
Pelgrims komen ook van overal: USA, zuid-Korea, Latijns-Amerika, Australië, ... al komen de meeste wel uit Europa natuurlijk. In de jaren ‘80 zouden er tussen de 3000 en 4000 jaarlijks toekomen in Santiago, maar vorig jaar waren er dat al meer dan 300.000 (ongeveer 50.000 met de fiets, de rest te voet) en elk jaar groeit dit aantal nog. Slow traffic, enjoy, take your time, ... het spreekt alsmaar meer mensen aan.
Sneeuwwitje
Vermits we niet meer op de Camino del norte zitten, heb ik geen boekje meer van de etappes. Enkel Pierre heeft nog een gids. Het leven wordt met de dag simpeler: volg gewoon de gele pijlen en check niet af waar je zit. “The destination is not important. Enjoy !! “ stond er gisteren ergens onderweg geschreven.
Vanmorgen na het ontbijt in ‘ons appartement’ met 4 vertrokken. André loopt eigenlijk meer en meer als een hondje achter Pierre aan (we noemen ze ondertussen soms peppie en kokkie), Jean-Michel en ik vertrekken vaak samen, maar vermits we iets ander tempo stappen, stappen we ook vaak stukken alleen om dan geregeld op elkaar te wachten. Wij liepen vanmiddag vooruit en zochten al 2 km voor een bank om ons brood op te eten, maar vonden niet direct iets. We passeerden een tuin op een hoek met een grote tafel en 4 boomstronken. De vrouw zat in haar auto en ik vroeg of het mogelijk was in haar tuin te eten. We hadden alles bij. We wilden enkel graag iets om op te zitten. Ze was super vriendelijk en vond dit geen probleem. Ze vroeg of we water wilden of naar toilet gaan. Altijd handig als vrouw als dat aangeboden wordt. 5 minuten later stonden peppie en kokkie daar ook. “Geen probleem ? Er zijn nog 3 pelgrims onderweg ! Grapje :-) We zijn met 4.”
Ze ging koken en als er iets was, moesten we maar op de deur kloppen. 10 minuten later kwam boer Knol daar aan op zijn tractor (ik schat dat hij ongeveer 130 kilo woog) en kwam rustig naar ons toe. De buurman die in het Spaans vroeg wat wij daar aan het doen waren ? We verstonden er niet veel van, dus klopte hij maar op de deur. Sneeuwwitje deed open en had ondertussen al 5 dwergen in hare tuin ! Boer Knol had precies ongelooflijke dorst en vroeg een glas water en was daarna terug weg. Zij stelde voor koffie voor ons te maken na onze lunch en dit sloegen we niet af. Blijkbaar vond ze het zelf supergezellig want ze vroeg of ze bij ons mocht komen zitten. Ik schat dat ze rond de 30 was en volgens Pierre nog vrijgezel, want hij zag maar één tandenborstel in de badkamer van Sneeuwwitje toen hij daar naar toilet ging. Ze was leerkracht wiskunde, had al een keer een examen Engels mee gedaan, maar was toen niet geslaagd. We zeiden dat ze ‘bar’ op haar huis moest schrijven zodat er regelmatig pelgrims passeerden en het zou wel goed komen. Wat oorspronkelijk een lunch ging worden van een half uurtje, werd een stop van zeker anderhalf uur, maar dat is ook het leuke aan de Camino. Je laat alles wat op je af komen en soms draait het anders dan gepland.
We stapten daardoor vrij laat Oviedo binnen. Ik was misschien 300m voorop toen ik gebeld werd door de mannen. Ze gingen de bus nemen voor de laatste 3/4km. Ik doe liever alles te voet, dus ging hen wel terug zien bij het bureau van toerisme. Busje kwam blijkbaar niet zo, want ik was toch al zeker 2km gevorderd, toen ik aan een bushalte de weg naar het bureau vroeg. Op dat moment stopte net de bus en kwam Pierre aan de deur vertellen dat het altijd rechtdoor is. Ultreia, hoe kon ik het vergeten !
Make up your mind
Eigenlijk komt dit verhaal voor het verhaal van Sneeuwwitje, maar het vorige was sneller klaar voor redactie.
In dat pensionnetje in the middle of nowhere moesten we stilaan een beslissing nemen. De volgende dag na 16km splitste de Camino: je kan verder de kust volgen of via het binnenland gaan over de Camino primitivo, ook wel de originele Camino genoemd. Alfonso II, koning van Asturias zou in het jaar 814 als eerste deze route gekozen hebben voor zijn tocht naar Santiago de Compostella. Daar aangekomen bouwde hij een kerk over het graf van de Apostel Jacobus en gaf daarmee de aanzet voor het pelgrimeren naar Santiago. De helft van de Camino Primitivo zou uit bergetappes bestaan.
Jean-Michel wou oorspronkelijk tot Oviedo wandelen en daar stoppen, maar van thuis uit werd hij aangemoedigd tot Santiago door te gaan. Omwille van zijn benen, leek hij dan voor de Camino del norte te kiezen omdat het minder stijgen en dalen zou zijn, maar in km een 20-tal meer. Hij vroeg me wat ik zou doen. Maakte mij eigenlijk niet uit. Beiden zijn mooi en misschien doe ik nog ooit de andere optie. Het enige wat ik graag had, was dat ik 3 juli in Santiago zou staan (zit daarvoor nog op koers) om zo nog 2 verlofdagen te winnen. Wou wel bij hem blijven. Het is ondertussen wat mijn vaste kamergenoot en had de indruk dat als hij alleen door moest, dat hij dan 2 dagen later in België zou staan. Hij heeft in Frankrijk redelijk wat alleen gewandeld, maar ik kan ook wel aannemen (en dat geldt ook voor mij) dat hij nu geen zin meer heeft om alleen door te gaan tot Santiago.Na een telefoontje met zijn thuisfront viel de beslissing: we gingen met 4 de Camino primitivo nemen.Deze gaat landinwaarts en daardoor zijn er wel iets minder opties om te slapen.
In de namiddag beginnen we vaak al wat te dromen wat ons zou te wachten staan. Ondertussen hebben we wat een deal: zodra we na 25 km een klein dorpje met één pension & één bar/restaurant passeren, houden we daar halt. Maar op de weg naar teutereweute was er niets en kwamen we (JM en ik) dus aan bij de Albergue (de 2 Fransmannen waren nog 10 km achter). Deze was een beetje als de Camino : SUPER primitivo. De vuilnis van voorbije 14 dagen stond beneden, boven stapelbedjes die op instorten stonden met redelijk vuile matrassen. Een pelgrim vraagt of eist niet en is dankbaar voor wat die krijgt, maar deze pelgrim zag het niet goed zitten. Dan nog liever op een matje op de grond in een tent. Dus eerst eentje drinken in de plaatselijke bar om te bekomen en te vragen of er nergens een pension was, desnoods een paar km verder, ook al hadden we die dag al een 32km gewandeld. Sommige Spanjaarden zijn al wat bij de pinken en blijkbaar konden we een appartement huren om de hoek voor ons 4, dus we gingen voor die optie. Het enige restaurant in het dorp was gesloten op dinsdag en .... het was dinsdag. Van die droom van een uur geleden, schoot niet veel meer over.
Op naar de volgende aflevering van ‘komen eten’ dus. Onze keuken (duidelijk niet van Augustijns ;-) was uitgebouwd op maat van pelgrims: zonder frigo met één pot, één pan, wat borden, maar geen bestek en 3 stoelen. Mijn vork en lepel uit titanium kwam zo ook ne keer van pas.
Zalm opgerold in kruidenkaas is nog te maken met een zakmes. En nadien voorverpakte rijst met zeevruchten met zowat alle soorten verse groenten die te krijgen waren in de plaatselijke supermarkt. De olie van de voorverpakte olijven als aperitief zorgde ervoor dat het geheel niet aanbakte. Ook al was het super primitivo, het heeft ons toch goed gesmaakt na best een vermoeiende dag.